Meer informatie?

Bent u een zorgaanbieder en wilt u weten wat de Barometer Nederlandse Gezondheidszorg 2018 voor u betekent? Neem dan contact op met Ralph Poulssen (Associate Partner)

Ralph Poulssen

Ralph Poulssen

Associate Partner

ralph.poulssen@nl.ey.com
Tel. +31 6 44 33 33 00

Zorgmedewerkers waren het afgelopen jaar vaker ziek en verlieten ‘alarmerend’ vaak hun werkgever. Het maakt de toch al problematische situatie op de arbeidsmarkt nog penibeler en leidt tot een ‘vechtmarkt’ in de strijd om geschikt personeel. Dat concludeert accountantsorganisatie EY in de Barometer Nederlandse Gezondheidszorg, die dinsdag verschijnt, na bestudering van alle jaarrekeningen van zorgorganisaties met een omzet van meer dan 5 miljoen euro.

De accountants zien in de cijfers terug dat het aandeel van het personeel dat zich als (duurdere en onafhankelijker) zzp’er laat inhuren groeit, en dat de rijkere zorginstellingen bereid zijn een salarisschaal hoger te betalen om zo het schaarse personeel tot een overstap te verleiden. Daarmee vormt het torenhoge verloop en verzuim het belangrijkste risico voor de financiële positie van zorgorganisaties, waarschuwt EY.

Vicieuze cirkel

Hans Buijing, bestuurder van thuiszorg-brancheorganisatie BTN, herkent het donkere beeld van de arbeidsmarktproblematiek, die bovenal het gevolg is van een vicieuze cirkel van hoge werkdruk. Door de personeelskrapte neemt de werkdruk toe, wat leidt tot meer verzuim en een nóg hogere werkdruk. Buijing: ‘Dan maken mensen de keuze zichzelf te beschermen. Ze worden bijvoorbeeld zzp’er om zo meer grip te hebben op de eigen werkuren, en dichter bij de kern van het vak te zitten; om zorg te verlenen, niet om formulieren in te vullen. Daarbij zijn ze in staat tarieven te rekenen waarmee ze er ogenschijnlijk netto op vooruitgaan. Ogenschijnlijk, omdat ze dan vaak geen pensioenregeling of arbeidsongeschiktheidsverzekering afsluiten.’

Ander gevolg: als de werkdruk toch zo hoog is, dan is het extra verleidelijk als gewilde zorgmedewerker voor de hoogste bieder te gaan. Er is 2,1 miljard extra voor de verpleeghuiszorg, geld dat voor 85 procent aan personeel moet worden besteed. En aangezien iedereen in dezelfde krappe vijver vist, zegt Buijing, werkt dat hogere salarisprikkels in de hand. ‘Wij zien in toenemende mate personeel vertrekken bij de kleinere thuiszorgorganisaties die daardoor in de knel komen te zitten. Of verpleegkundigen maken een overstap naar een andere sector: ziekenhuizen bieden soms een tekenbonus van 1.500 euro.’

Een woordvoerder van de Nederlandse Vereniging van Ziekenhuizen (NVZ) bevestigt het bestaan van de bonussen. ‘Maar dat gebeurt incidenteel, van een vechtmarkt is geen sprake.’ De bindingspremies zijn ‘een logisch gevolg van de krapte op de arbeidsmarkt. De bonussen zijn nodig om de bedrijfsvoering op orde te kunnen houden. Neem gespecialiseerde operatiekamerverpleegkundigen; zonder hen kunnen er geen operaties plaatsvinden.’

Taboe

Toch is het weglokken van elkaars personeel in de zorgsector een taboe. Vorige week nog kwamen 125 bestuurders van grote zorginstellingen in de ouderenzorg samen om afspraken te maken over het werven en opleiden van nieuw personeel. Bonussen en hogere salarissen werden daarbij collectief afgezworen. Jacqueline Joppe, vicevoorzitter van Actiz, brancheorganisatie van werkgevers in de ouderenzorg en organisator van de bijeenkomst, herkent het beeld van de vechtmarkt dan ook niet: ‘Als ik organisaties zou kennen die met bonussen werknemers proberen weg te lokken, zou ik ze erop aanspreken. Ik vind het onwenselijk, en het werkt maar kortstondig. We moeten schaarste niet op deze manier verdelen, maar in samenwerking het probleem oplossen.’

Het aanbieden van extra salaris staat ook haaks op de talloze initiatieven die vanuit alle hoeken en gaten van de samenleving zij-instromers moeten bewegen tot een stap naar de zorg. Alle sectoren – van ziekenhuizen tot ggz, van gehandicaptenzorg tot ouderenzorg – werken daarin per regio samen en verwijzen zo nodig mensen naar elkaar door, is het idee. ‘Dat zijn uitstekende initiatieven’, zegt Buijing, ‘maar ook hier geldt dat er geen sluitende afspraken te maken zijn. We staan schouder aan schouder om het op te lossen. Maar als je niet snel de geschikte mensen kunt vinden die je nodig hebt om het belang van je patiënten te dienen, dan is de krapte echt voelbaar. En daar krijg je dit soort toestanden van.

Hoopvol

Volgens Pien de Jong, directeur personeel en organisatie bij de Amsterdamse zorginstelling Cordaan (5.500 medewerkers), zijn de arbeidsmarktcijfers van vorig jaar echter niet te vergelijken met die van dit jaar. ‘Dat is echt een verschil van dag en nacht. De jaren 2013-2017 was een periode van bezuinigingen, van contracten van jonge mensen die niet werden verlengd. De balans slaat dan door naar oudere werknemers; nogal wiedes dat dan het verzuim stijgt.’

Door nieuw Haags beleid is er nu geld beschikbaar, en dat merk je, zegt De Jong. ‘We moeten als sector uit een ander vaatje tappen. Mensen komen nu niet meer kant-en-klaar uit de schoolbanken bij ons binnen. Maar er staan ongelooflijk veel mensen te springen om in de zorg aan de slag te gaan. Ze komen uit andere sectoren, of uit andere landen, of zijn statushouder. Dat vraagt om totaal nieuwe manieren van onderwijs, maar dat maakt de arbeidsmarkt nog niet wanhopig. Als je spreekt van een vechtmarkt, doe je aan paniekzaaierij. De situatie is veel hoopgevender dan dat.’

Bron: De Volkskrant 04 september 2018